Inmiddels zijn er internationaal nieuwe, even ambitieuze doelen gesteld, de zogeheten development goals. Alle landen ter wereld hebben beloofd dat de kindersterfte wereldwijd zal worden teruggebracht, dat ondervoeding zal worden aangepakt en dat ziekten als aids, malaria en tuberculose zullen worden uitgeroeid. Die doelen moeten voor 2015 worden gerealiseerd. Maar ook deze keer zal het wel niet lukken. Niet alleen omdat ze in de ontwikkelingslanden niet zullen worden bereikt, maar ook omdat in rijke landen als Nederland de gezondheidszorg gebaseerd op solidariteit, en dus toegankelijk is voor iedereen, overboord wordt gegooid. Piet Batenburg, bestuursvoorzitter van het Sint Franciscus Gasthuis in Rotterdam, vertelt in NRC Handelsblad van 14 januari over een vrouw die zich met een knobbeltje in de borst bij het ziekenhuis heeft gemeld: 'Op ons advies is zij voor behandeling teruggekeerd naar het land van herkomst. Dat is best hard ja, maar ziekenhuizen zitten in een spagaat: wil je verzekerden dure medicijnen tegen bijvoorbeeld kanker kunnen blijven geven - waar zij recht op hebben - dan moet je grenzen trekken.'
Of de vrouw is teruggekeerd, kunnen we niet controleren. Degenen die te maken hebben met ongedocumenteerde migranten weten dat het niet zo simpel is om 'terug te keren'. De meesten kunnen niet terug. Voor een deel gaat het om asielzoekers die in afwachting zijn van het oordeel van de rechter over hun asielaanvraag. Een ander deel betreft asielzoekers van wie de procedure is afgerond. Zij moeten van de Nederlandse overheid vertrekken, maar er is geen land van herkomst waar ze welkom zijn. Daarom krijgen ze geen papieren en zijn ze gedoemd hun verdere leven ongedocumenteerd te blijven. Ook zijn er mensen in wie veel geld is geïnvesteerd door hun familie om het mogelijk te maken dat ene gezinslid naar een rijker land te sturen. Terugkeer is voor hen eveneens uitgesloten. Ze durven het simpelweg niet.
Door deze realiteit niet te aanvaarden creëren we een onzichtbare bevolkingsgroep in ons land. Mensen zonder documenten verblijven hier jaren achtereen. Omdat ze geen papieren hebben, bestaan ze officieel niet. Die groep kan geen gebruik maken van gezondheidsvoorzieningen. Is de perinatale sterfte onder allochtone Nederlanders al hoger dan die onder autochtone Nederlanders, onder ongedocumenteerde migranten ligt dat nog veel hoger. Zoals ook aids en tuberculose vaker bij hen voorkomen. Je kunt ongedocumenteerde mensen om die reden alleen al niet uitsluiten van zorg. Het wordt onmogelijk om een plotselinge tbc-uitbraak in bedwang te krijgen als je net blijft doen of die mensen niet bestaan. Dat bestuursvoorzitters van ziekenhuizen bijdragen aan een verslechtering van de volksgezondheid omdat ze mensen wegsturen die zorg nodig hebben, is dan ook een stelling die door deskundigen op het gebied van de volksgezondheid eenvoudig te verdedigen is.
Bestuursvoorzitters van ziekenhuizen hebben de verantwoordelijkheid om zorg van goede kwaliteit aan iedereen te verlenen zolang de gemeenschap niet besloten heeft het zorgstelsel zodanig te veranderen dat dit niet langer mogelijk is. Zij zijn er niet om vrouwen met knobbeltjes in de borst erop te wijzen dat ze beter naar hun land terug kunnen keren. En als ze hun opdracht om goede gezondheidszorg aan iedereen te leveren niet kunnen vervullen, moeten ze die teruggeven aan de overheid. Het is niet aan hen om, zoals Chiel Huffmeijer, bestuursvoorzitter van het HagaZiekenhuis dat doet, mensen af te wijzen: 'Een mevrouw die hier al eens bevallen was met een keizersnede kwam bij een tweede zwangerschap weer. Ze was drie, vier maanden zwanger. Tegen haar hebben we gezegd: komt u maar terug als u zich verzekerd heeft. Die hebben we niet meer teruggezien.'
Dat mijnheer Huffmeijer haar niet heeft teruggezien is geen verdienste. Het is een principiële zaak: toegang tot zorg voor iedereen. Dat zegt ons ministerie voor Ontwikkelingssamenwerking ook tegen de overheden in ontwikkelingslanden. Die landen moeten voor goed bestuur zorgen: gelijke behandeling en toegang tot de zorg voor iedereen. En dat geldt dus ook voor vrouwen met knobbeltjes in de borst of vrouwen die al eens een keizersnede hebben gehad en bij wie een normale tweede bevalling grote risico's met zich meebrengt. Het negeren van de adviezen over goed bestuur zou zelfs voor ons ministerie van Ontwikkelingszaken reden kunnen zijn om de hulp op te schorten.
In Oost-Londen in het Verenigd Koninkrijk heeft Artsen zonder Grenzen besloten klinieken te openen voor mensen die geen verblijfsvergunning kunnen krijgen en die nergens meer naartoe kunnen. Hoort Artsen zonder grenzen niet in ontwikkelingslanden te werken? Jazeker. Maar zijn landen waar men niet in staat is toegang tot de zorg voor iedereen te garanderen niet juist ontwikkelingslanden? Als je als samenleving niet kunt waarmaken dat iedereen die binnen je landsgrenzen verblijft - ongeacht sekse, kleur, geloof of de papieren die je in je bezit hebt - toegang heeft tot onderwijs en zorg, hoor je bij de ontwikkelingslanden. Het niveau van ontwikkeling wordt immers niet alleen gemeten aan de hand van het gemiddeld nationaal inkomen.
Toegang tot zorg voor iedereen is een kwestie waaruit een overheid zich niet kan terugtrekken. Dit kun je niet overlaten aan de partijen, het is een principiële keuze van de samenleving. Als blijkt dat de financiering onvoldoende is geregeld moet de politiek zich uitspreken. Het is echter angstig stil in Den Haag. Allerlei betrokkenen hebben zich sinds half december in de discussie gemengd, maar we vernemen niets van degenen die hier het voortouw moeten nemen. Moet Nederland een ontwikkelingsland worden? Misschien kan dat Britse team van Artsen zonder Grenzen bij ons ook wat klinieken openen.